Soms zet ik zelf iets op Facebook. Goedbedoeld. Nooit om iemand te kwetsen. Maar of lezers het ook altijd zo lezen…?

“Ik zit niet meer op Facebook,” zegt vriendin Greetje. Ze trekt er een vies gezicht bij en maakt een wegwerpgebaar. “Alleen maar boze mensen daar.” “Valt wel mee, toch?” probeer ik. Maar ik snap zo wat ze bedoelt. Ik lees het ook. De kritiek. De verontwaardiging. De woede.
De onkruidpagina die ik leuk vind, omdat ik van wilde planten houd, is een prachtig voorbeeld. Iemand plukt een paar paardenbloemen, zet ze op de foto en vraagt: ‘Heeft iemand dat recept voor paardebloemenhoning?’ Meteen vliegt daar iemand met gestrekt been in: ‘Waarom pluk jij die? Dat is voor de bijen! Heel slecht voor de natuur om ze te plukken. Laat alle paardebloemen staan!’

Nummer 3 merkt op: ‘Het is paardenbloemen. En paardenbloemenhoning. Als je niet kunt spellen, schrijf dan lekker niks.’

Nummer 4: ‘Hier is het recept. Mijn oma noemde het armeluishoning.’

Nummer 5: ‘Alleen maar suiker. Wat heeft dat met honing te maken?’

Nummer 6: ‘Mensen kunnen geen honing maken. Alleen bijen kunnen dat.’

Nummer 2: ‘Maar nu niet meer, want ze heeft alle paardebloemen geplukt.’

Nummer 3: ‘Paardennnnnnbloemen.’

Nummer 1: ‘Ik heb maar 50 gram geplukt. Voor één potje. Gezeik om niks.’

Nummer 2: ‘Als iedereen dat doet, hebben bestuivende insecten niets over.’

Nummer 7: ‘Ik zie de laatste tijd uitsluitend mensen die maar van alles uit de grond rukken en dan hier vragen wat het is. Neem een app, dan kan je het ter plekke uitzoeken. Of een boekje over wilde planten.’

Nummer 4: ‘Het is een soort gelei. Hartstikke leuk om te maken.’

Nummer 2: ‘Dankzij jullie gaat de wereld eraan. Ik hoop dat je er een allergische reactie van krijgt.’

Nummer 8: ‘Nogal kwetsend, die oma. Alsof arme mensen maar paardebloemen moeten vreten.’

Nummer 3: ‘Paardennnnnbloemen.’

Ik volg het. Grinnik erom. En tot voor kort zette ik er weleens iets aardigs bij. Tot een kennis, die overwintert in Spaans kustdorp, op Facebook schreef dat ze zo blij was dat Zeeman zich in haar dorp had gevestigd. Want daar koop je goedkope wol en daarmee breide ze babydekens met de breigroep van haar kerk. Ik schreef blij: ‘Geluk zit in kleine dingen!’ Waarop iemand reageerde met: ‘Hoezo dit neerbuigende commentaar?’

Soms zet ik zelf iets op Facebook. Goedbedoeld. Nooit om iemand te kwetsen. Maar of lezers het ook altijd zo lezen..? Lezen is niet zo makkelijk, soms.

Nummer 9: ‘O, dus jij beweert dat we niet kunnen lezen?’

Nummer 10: ‘Nee, we zijn dom. Veel dommer als haar.’

Nummer 3: ‘Dan zij.’

Ik: ‘Greetje heeft groot gelijk.’

Lees het hele artikel 21-30_31 Marjan

Fotografie: @Marloes Bosch