Cultuur

“Jan en ik gaan naar de opera. We zijn aan een verdieping toe op cultureel gebied,” vertrouw ik vriendin toe met wie ik langs de dijk wandel.
“Man en ik gaan naar Golden Earring,” zegt ze. We verwerken het zwijgend. Man is al in de Earring toen het nog Earrings waren. Als hij zijn oude platen op de draaitafel legt, geeft hij er in gedachten een kusje op en hij kan lyrisch verhalen over Cuby and the Blizzards en Bintangs. Zij doet ook kerkorgelconcerten. Culturele ontwikkeling is een wonderlijk proces.
Toen ik 17 was, had ik een Cultureel Jongeren Paspoort (CJP). Ik liep alle toneelstukken en experimentele theaters af in mijn eentje. Het kostte niks. Voor twee gulden zat je ergens in een engelenbak en na de pauze volgde je de voorstelling vanaf de eerder gespotte lege plekken op het balkon of in de zaal. Ik zag stukken van grote schrijvers: Pinter, Claus, Ionesco. Daarna fietste ik totaal verpletterd naar huis. Vaak begreep ik er geen lor van, maar dan ging ik nog een keer. Niet om te snappen, maar om te voelen. De wereld was een experiment en wie haar wil begrijpen, heeft daar subsidie bij nodig. Met dat CJP kon ik ook naar musea. Voor niks. In het Frans Halsmuseum kwam ik zo vaak, dat ik het opmerkte als in een stijlkamer ander leerbehang was aangebracht. De suppoost vertelde me dat het uit depot kwam en daarna heb ik gedroomd van de dag dat de museumdirecteur mij de sleutel van dat depot zou overhandigen en zou zeggen: “Neus maar lekker rond!” Ik legde mijn culturele weggetje af en stagneerde door gezin en huishouden, zo ergens halverwege het musicaltijdperk. Te vermoeid om te groeien. Daarna mocht ik met mijn vmbo-schatjes naar musea en theater, tijdens het door mij zo hartstochtelijk verfoeide vak CKV. Zelfs kinderen die wel eens met hun ouders naar een museum gaan, durven hun klasgenoten niet te bekennen dat ze die schilderijen wel mooi vinden. Dan kan je net zo goed meteen met grote letters NERD op je voorhoofd schilderen. Cultuur aanreiken in een periode dat kinderen alleen maar gieren van de hormonen, wie bedenkt dat? Een minister die van plan is om in de toekomst iedere subsidie op welke kunstvorm dan ook de nek om te draaien met als argument: ‘Er komt toch geen hond naar kijken!’?  Want dan is het een goeie zet. Na twee jaar CKV is iedere vmbo’er genezen van interesse voor welke vorm van cultuur dan ook.
Zo jammer dat ze niet bij hun einddiploma een CJP krijgen. Waarmee ze naar de Parade mogen voor 2 euro. Voor een habbekrats naar Oerol. Voor een scheet en drie knikkers naar experimenten en vernieuwende muziek. En dan voor ‘Toppers in Concert’ of Fransje Bauer gewoon 100 euro entree, natuurlijk. Dan kunnen ze kiezen. Met een beetje mazzel kunnen ze groeien. Op hun eigen houtje, op hun eigen tempo. En musea? Die moeten gewoon gratis. Voor ons allemaal. Net als vroeger in Londen. Voor jongeren tot 16 jaar uitsluitend toegang onder begeleiding. Anders loop je het risico dat er hangplekken ontstaan in museumzalen, net zoals bibliotheken in grote steden kampen met het probleem dat ze veredelde opvangcentrales zijn geworden waar kinderen gratis kunnen internetten. Jongeren tussen 16 en 25 jaar mogen naar binnen op vertoon van hun CJP. Misdraag je je, dan word je CJP ingetrokken. Boven de 25 vrij entree. Heerlijk!
Dan ben je na je 50ste aan opera toe. Zo gaat dat. Of aan Golden Earring natuurlijk.

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.