TERUG
Sneeuwklokjes
"Zit er kleurstof in die limonade? Want dat mag hij niet hoor!" Verontrust blikt de moeder van Peter naar de fles die ik uit de koelkast heb gevist. "Je kunt tegenwoordig haast geen limonade met kleurstof meer krijgen", spot ik. "Zelfs snoep met kleurstof is een hele toer." Agressieve kinderen door kleurstof. Het is bewezen, dus ik zal er niets over zeggen. Maar ik word soms zo moe van alles wat niet mag en alles wat moet. Mijn buurvrouw kookt uitsluitend macrobiologisch, dynamisch en zonder toevoegingen. "We kregen wortelensap", zegt Merel vol afgrijzen, als ze er gespeeld heeft. Niet dat ze bij mij nu iedere dag cola krijgt, maar ik deel haar afgrijzen. Gefrituurd zeewier, gekookte gierst met brandneteltoppen: ik vind dat geen gezellige maaltijd. Tot de twijfel toeslaat. Ik heb het druk gehad, kom laat thuis en besluit de vetschuur aan te spreken voor een voedzame en ongezonde maaltijd. "Eten we nu alweer patat", zegt Amber teleurgesteld. Zij lust liever spinazie. Bingo! Moeder heeft acuut een schuldgevoel. Waardeloos ben ik. Als ik ze straks niet bijvoer met vitaminepillen, vallen hun haren uit. En hun tanden. Bovendien zou zelf koekjes bakken, samen met de kinderen, getuigen van heel wat meer huiselijkheid dan die zakken patat die we haastig naar binnen werken. En dan ook nog met je bord op schoot voor de televisie. Dit is geen opvoeden meer, dit is in leven houden! Ik moet me schamen. Dat doe ik dan ook. En ik maak het goed. Een week lang gooi ik me in het gezonde alternatieve voedselcircuit. Ik hak brandnetel- en paardenbloemblaadjes door de rauwkost. Ik haal eieren bij een boer met echte scharrelkippen en ik bak zelfs een grof volkorenbrood. Wat staan ze te kijken van mijn zelfgemaakte appelmoes. Maar nog verbaasder kijken ze naar de madeliefjes op de sla. Merel werpt een blik in de kom en spreekt bijna plechtig: "Bloemen eten wij niet." En vanaf het moment dat ze in haar schoolpauze in een onbespoten appel beet en daar onverwacht wormachtig gezelschap in aantrof, weigert ze alle fruit. "Maar dat is gezond", smeek ik. "Het is ook vies", oordeelt ze. Kirsten vraagt wanneer we eindelijk weer eens patat eten. Natuurlijk halen we dat de dag daarop. Maar we eten aan tafel en de televisie blijft uit. En ik zet er een enorme bak rauwkost bij. Ik ben nog lang niet totaal verlost van die spookgedachte over loszittende tanden. Geniepig heb ik daar een massa bieslook doorheen geknipt. Dat kwam gelukkig al op in de tuin. "Heerlijk meiden. Goed voor je", prijs ik mijn vitaminestoot van harte aan. Drie dagen later staat het bosje bieslook in bloei. Het zijn sneeuwklokjes.
Afdrukken

