TERUG
Smoes
"Het gaat niet goed met mijn teen", zucht Merel al een tijdje. Dat is de huisarts na een vluchtige blik met haar eens. Ze krijgt een verwijsbrief voor het ziekenhuis waar een chirurg maar eens een nadere blik moet werpen op die ingegroeide nagel. De man besluit er 'een kleine ingreep' aan te wagen. Dat leidt tot aardige gesprekken aan tafel, waarbij Merel meer dan eens aanbiedt om ons nog eens haar voet te laten zien. Wij slaan dat altijd af en voelen de eetlust bij het idee alleen al fors afnemen. Maar al dat stoere gepraat neemt niet af dat ze met de zenuwen in haar buik naar de afspraak toegaat. "Alleen de verdoving is akelig", verzeker ik haar. Als ik denk aan zo'n lange naald die een ontstoken teen ingaat, krijg ik trouwens ook klam zweet op mijn rug. "Zou hij mijn nagel er helemaal afhalen?", vraagt ze nerveus. "Misschien een stukje", sus ik lafhartig. Ik weet eigenlijk niet wat ik griezeliger vind: een stukje of helemaal. "Hoe dan ook, hij groeit weer aan. En als je dat de boel maar netjes recht blijft afknippen, is er niks aan de hand." Ze moet alleen naar binnen. Moeder mag niet mee. Jeemig, wat duurt de tijd lang als je moet wachten. Als de zuster naar buiten komt, veer ik op. Is het al gebeurd? Welnee. Ze glimlacht vol begrip, kondigt aan dat de boel verdoofd is en dat ik alvast een rolstoel kan gaan halen. "Zelfs de zuster durfde er niet naar te kijken! Maar ik heb alles gezien! De dokter heeft de hele zijkant weggeknipt en een stuk van het nagelbed doodgemaakt", lacht ze vol bravoure als de operatie achter de rug is. "Ze mag morgen weer gewoon lopen", meldt de zuster. "Dus geen krukken?", informeert Merel teleurgesteld. Welnee. Niet nodig. Ze mag in een rolstoel tot de deur en daarna is het feest afgelopen. Maar ik ben zo onder de indruk van haar moed, dat ik meteen doorrijd naar de Kruisvereniging en krukken leen. Iemand die zo dapper is, verdient wel wat uiterlijk vertoon. Uiteindelijk heeft ze nog weken lol van de ingreep. Merel hoeft niet mee te gymen. Zelfs als alles al lang genezen is, vraagt ze haar gymleraar verontwaardigd: "Wilt u mijn teen soms zien?!" De man zwicht onmiddellijk voor dat dreigement, bedankt voor de eer en zet haar met een boek op de bank. "Het werkt!", jubelt Amber een paar dagen later. Zij heeft een blaar op haar voet van een formaat waar ik geen briefje voor schrijf aan gymleraren. "Ik zei: 'Wilt u hem soms zien?' Toen hoefde ik niet mee te gymen!" "Het werkt altijd. Dat zei ik toch? Niemand wil zoiets zien", zegt Merel tevreden. Ze hebben de gymsmoes der gymsmoezen ontdekt. Verstopt onder hun sokken.
Afdrukken

