TERUG
Palmen
"Ik wil palmen en witte zandstranden", verklaart Merel beslist. Ze bladert in een reisgids van de stapel die we meekregen van het reisbureau. "Met het vliegtuig", roept Amber enthousiast. Ze stopt bij ieder plaatje van een enorm hotel met zwembad waar een halfblote dame uit opduikt met een tropische coctail in haar hand. Dan zucht ze verlekkerd en wijst: "Zonnebrand factor negenentachtig. Anders verbrand je levend." "Het lijkt me daar erg warm", pieker ik. "De hele dag op het strand. Geen grotere straf denkbaar", schudt Jan zijn hoofd. Kirsten interesseert het hele debat geen fluit. Maar vliegen, tja, dat heeft zij ook nog nooit meegemaakt. Dat lijkt haar wel wat. "En er zijn oude grotten, een bazaar en vissershaventjes. Oude gebouwen heb je overal. Daar kunnen jullie dan naar toe. Al dan niet op een kameel", stelt Merel ons gerust. Ik heb inmiddels een gids ontdekt met aardige huisjes. Normandië, Bretagne. Met je eigen auto er naar toe. Een dag rijden, prima toch? Jan heeft nog een ontdekking gedaan. De prijslijst van de tropische verrassingen waar de meiden zo druk over fantaseren. "Toeslag in het hoogseizoen", mompelt hij. Zijn rekenmachine komt uit zijn tas. Hij slaat bedragen aan en laat mij het totaal bekijken. "Moet daar nog ergens een komma in?", vraag ik hoopvol. Hij schudt zijn hoofd. Nee. Dat is het. En dan moeten we nog eten, drinken en af en toe een ijsje. Tjonge. Dat valt tegen. "Twee weken in de hitte voor een kapitaal", vat Jan al zijn ongenoegen samen. Merel volgt het onderonsje met de rekenmachine met argusogen. "Dan gaan we toch volgend jaar niet?", vleit ze. Buiten giert de storm en de regen slaat tegen de ruiten. De plaatjes lokken. Ik schuif de kust van Bretagne onder hun neus. "Geen palmen", bladert Merel. "En we krijgen ook al geen hond", roept Amber verongelijkt. Die heeft er talent voor om bij ieder onderwerp een zijspoor te vinden. Merel slaat haar reisgids dicht. "Ja, laten we het daar eens over hebben. Jullie zouden daar toch over nadenken?", oppert ze. Voor we het weten zitten we midden in een ingewikkeld gesprek over uitlaten, borstelen, gehoorzaamheidstrainingen en verzorgen van een niet bestaande hond. Alleen ik blader nog door mijn boek met huurhuisjes en lees hardop: "Hier, honden toegestaan. Dat is handig!" Opeens willen ze allemaal dat ene boekje doorbladeren. Het leek me eerst nog een kostenbesparende opmerking. Maar Jan zwijgt en kijkt mij somber aan. Ik heb me behoorlijk in de nesten gewerkt. Nesten vol puppy's die de meiden graag ruilen voor een vliegtuig en palmen. Hoe klets ik me hier weer onderuit?
Afdrukken

