TERUG
Bakken
"Ik ga naar korfbal. Doei mam!", roept Kirsten bij de deur. Ze heeft haar rokje over haar trainingsbroek aan en staat te trappelen van ongeduld. "Heb je je was in de wasmand gegooid?", vraag ik snel. Weg is ze al. Merel komt naar beneden met een tennisracket. "Ik heb er zin in. Het is prachtig weer", meldt ze. "Zit je vuile was in de wasmand?", roep ik haar na. Het tweede trainingspak verlaat knikkend de woning. "Amber heeft al eierkoeken gebakken", lacht Jan die met zijn sporttas klaar staat om ook af te zakken richting tennisbaan. De rollen in dit huishouden zijn op een doorsnee zaterdagochtend duidelijk verdeeld. Drievijfde sport, éénvijfde wast en éénvijfde bakt. Als mijn eerste was draait, zit Amber op de bank een pak appeltaartmix te bestuderen. "Mag ik dit maken? Je hebt er bijna niets extra's bij nodig", vraagt ze. "Daarom heb ik het ook meegenomen. Leuk hè?", zeg ik. Mal kind eigenlijk. Amber maak je blij met een nieuw soort taartmix. Af en toe sta ik in een winkel gebruiksaanwijzingen te lezen en als ik het snap, neem ik het mee. Want dan begrijpt Amber het ook en eten wij taart. De hele familie is het er over eens: Daar is niks mis mee. Als de tweede was draait, strijk ik in de kamer een paar overhemden. Samen proeven we een stukje eierkoek dat uiteindelijk meer lijkt vierkant uitgevallen lange vingers. "Te lang in de oven, denk ik", piekert onze expert. "Maakt niks uit", vind ik. Ze mixt het deeg en schilt appels voor de vulling. De radio staat aan en de kamer geurt nog naar de eierkoek. Stiekem zijn we niet jaloers op onze sportieve gezinsleden. Wij hoeven niet zo nodig. "Twee deciliter. Is dat tweehonderd centiliter", vraagt Amber met de maatbeker in haar hand. Zo zie je maar; het is nog leerzaam ook. Daarnaast heb je tijd om lekker te praten over van alles en nog wat. Zij bakt. Ik strijk. Gezellig. Amber pakt de taartvorm, gooit een gedeelte van het deeg op de bodem en pakt de doos bakmix voor de rest van de instrukties. Hardop leest ze voor: "Druk het licht aan." Haar hand gaat naar het lichtknopje van de lamp onder het keukenkastje. "Ziezo", licht aan", zegt ze. En dan met een verbaasde blik in mijn richting: "Wat heeft dat licht er nu mee te maken?" "Het deeg", snik ik bijna van het lachen. "Je moet het deeg licht aandrukken!" Een uur later heeft de geur van de appeltaart de eierkoekenlucht verdrongen. Maar onze lachbui is nog nauwelijks bedaard. Wat ben ik op zulke momenten blij dat wij niet sporten!
Afdrukken

